MENU
informatie aanvragen
Professioneel, integer en betrokken

Vragen? Bel ons 088 00 185 00

9,4
Blog Gas terug

Gas terug

Door LINDA HUIJSMANS

Genoeg van de stress, balen van de ratrace, iedereen heeft er weleens last van. Maar bewust een stapje terug doen op de carrièreladder en een lager inkomen plus statusverlies op de koop toe nemen, die stap durven nog maar weinigen te zetten

Bijna dertig jaar was hij algemeen directeur van Ursa Paint in IJmuiden. Arnold van Westerhoven wijdde zijn ziel en zaligheid en al zijn energie aan milieuvriendelijke verf. Nu bekleedt zijn broer die functie en Arnold heeft een kleiner kantoor betrokken, pal naast het laboratorium. Hij werkt parttime, een officiële titel heeft zijn functie niet. Hij doet wat hij leuk vindt: externe contacten en de technische kant van het vak.

Eigenlijk is het logisch, vindt Van Westerhoven, om later in je carrière een stap terug te doen. ‘We moeten af van het idee dat een loopbaan alleen maar omhoog kan. Als twintiger begin je onderaan en langzaam bouw je iets op. Als je de top hebt bereikt, blijf je lekker zitten waar je zit. We gaan ervan uit dat mensen tot op hoge leeftijd voorop willen blijven lopen, terwijl hun energie en flexibiliteit afneemt. Dat is toch raar?’

Tegelijkertijd geeft Van Westerhoven toe dat het hem niet makkelijk viel om die stap terug te doen. ‘Ik kreeg een keer een memo onder ogen dat door de directie verspreid was en waar mijn naam niet onder stond. Woedend heb ik toen de secretaresse van mijn broer gebeld en gezegd: “ik ben nog niet dood hoor”. Ik voelde me aan de kant gezet. Dat slijt wel, maar ik heb lang last gehad van het idee dat ik me aan mijn verantwoordelijkheden onttrok, dat ik dingen afschoof. Vanuit datzelfde verantwoordelijkheidsgevoel heeft het ook even geduurd voor ik mijn jongere broer die taak ook echt toevertrouwde. Ik wist dat hij het kon, maar tegelijkertijd was ik bang dat het niet goed zou gaan. Dat bedrijf was toch heel erg van mij, zo voelde ik het. Ik ben begonnen en Robert is er een paar jaar later in gestapt.’

Verwachtingen

Verhalen zoals deze komt Jolet Plomp, werkzaam bij Bureau Arbeids Psychologie in Amsterdam, steeds vaker tegen. Volgens haar zijn die het ge volg van een veranderende houding ten opzichte van werk. ‘De loyaliteit van werknemers ligt niet langer bij één werkgever, maar bij hun cv. Mensen denken beter na over wat ze zelf willen en stellen hoge eisen. Werk moet leuk en bevredigend zijn.’

Maar daarvoor een stapje terug doen blijkt echter voor de meesten nog erg moeilijk. Ze lopen aan tegen verwachtingen en veronderstellingen die breed gedeeld worden in onze maatschappij. Dat je in je carrière steeds omhoog moet bijvoorbeeld, dat je een nieuwe baan zoekt om meer te verdienen of een hoger aanzien te krijgen en dat je alleen verhuist naar een grotere, duurdere of mooiere woning. Dat zijn vanzelfsprekendheden waar we vanaf moeten, vindt Plomp. Zoals het idee dat je een zo hoog mogelijke opleiding moet volgen. ‘Wat heb je aan een bul als je timmerman had willen worden? In bedrijven staat de buitendienst hoger aangeschreven dan de binnendienst, een manager is beter dan iemand op de werkvloer.

Die schijnbare vanzelfsprekendheden zijn gevaarlijk voor individuen. Mensen kunnen daarmee een kant op gedwongen worden waar ze niet geschikt voor zijn. Een bekende valkuil is die van de professional die met veel succes zijn vak uitoefent en als dank gepromoveerd wordt tot leidinggevende. Hij of zij voelt zich vereerd, de sociale druk om het aanbod te accepteren is groot, met als gevolg dat maar weinigen zich afvragen of ze het zelf wel willen.’

Jolet Plomp kent het voorbeeld van een technicus in een elektriciteitscentrale die drie keer een aanbod tot promotie naast zich neerlegde. ‘Hem werd gevraagd of hij wel goed bij zijn hoofd was om meer salaris en een hogere status te weigeren. Maar hij realiseerde zich dat hij goed was in zijn vak, dat hij hield van problemen oplossen, mensen helpen. Als leidinggevende zou hij veel te ver van de werkvloer afstaan om dat nog te kunnen doen.’

Een verstandige beslissing die desondanks lang niet iedereen durft te nemen. Je moet lef hebben om een promotie te weigeren of sterker nog, een lagere functie te accepteren. ‘Mensen spreken wel hardop uit dat ze ’s avonds wel eens naar de opera willen in plaats van alsmaar over te werken. Ze willen vaker naar de hockeywedstrijd van hun kinderen kijken. Maar meteen daarna beginnen ze uit te leggen waarom het niet kan: “ik wil wel minder werken maar… ik heb kinderen, een huis, een auto”.’ Verwachtingen van anderen blijken erg belangrijk. Men is bang niet meer serieus genomen te worden.

Maar het grootste struikelblok zijn de mensen zelf, is Plomps ervaring: ‘Wie zichzelf als een slappeling beschouwt, wordt ook door anderen zo gezien. Op mensen die zich schamen wordt vaker neergekeken dan op degenen die blij zijn dat ze de stap hebben gezet.’

Opgaande lijn

Ook Klaas Huizing, mede-eigenaar van Loopbaanadviesbureau Carrière Switch, merkt dat mensen in hun werk in toenemende mate plezier en bevrediging belangrijk gaan vinden. ‘Bij een kleine groep dringt het besef door dat je carrière niet alleen een opgaande lijn hoeft te vertonen. De inhoud van het werk wordt steeds belangrijker. Leuk werk, waar je bevrediging uit haalt, gaat steeds vaker boven status, inkomen en aanzien.’

Maar ook hij signaleert hoe lastig het kan zijn om die keuze ook daadwerkelijk te maken. Huizing: ‘Er zit enorm veel stress in de maatschappij en voor veel mensen komt er een moment dat het ophoudt. Jarenlang hebben ze al hun energie in hun werk gestoken. Meegedaan met de ISO-certificering, toen de kwaliteitsrondes, daarna moest de hele organisatie met zelfsturende teams gaan werken en soms krijgen ze ook nog eens een fusie te verstouwen. Dan komt er een moment dat je denkt; waar doe ik het allemaal voor?’

Met leeftijd heeft het lang niet altijd te maken. Het kan op je 58ste gebeuren, maar ook op je 28ste, meent hij. Het beslissende moment valt vaak samen met een crisis in iemands leven. Een geliefde overlijdt, men gaat scheiden of hun eigen baan komt op de tocht te staan. ‘Dat zijn momenten waarop je gedwongen wordt om even stil te staan. Je gaat om je heen kijken en vraagt je af: “Wat ben ik eigenlijk aan het doen? Werk ik nog met passie of is het routine geworden? Wat jaag ik na en wat lever ik daarvoor in? Heb ik geld en status ten koste van mijn plezier?” Crisismomenten zijn dé gelegenheid waarop je dingen echt kunt veranderen.’

Keurslijf

Voor Jan Willem Steinman was zo’n crisismoment juist aanleiding om zijn twijfels over zijn loopbaan even opzij te zetten. Hij was logistiek directeur bij supermarktketen Schuitema in de noordelijke provincies, de organisatie achter de C1000-supermarkten. ‘Mijn kostje leek gekocht, ik had zo tot mijn 60ste, 62ste door kunnen gaan. Ik was begonnen bij Spar en toen dat werd overgenomen door Schuitema werd ik logistiek directeur. Ik heb die fusie begeleid en goed afgerond en het begon te kriebelen. De branche vond ik prachtig. Het is concreet, alles moet morgen klaar zijn, de handen uit de mouwen, die mentaliteit past wel bij mij. Aan de andere kant had ik al veel gezien en werd het werk wat routinematig en ik begon me af te vragen of ik dit altijd wilde blijven doen.’

Toen zijn vrouw overleed kwamen al die vanzelfsprekendheden op hun kop te staan. ‘Alle moeren en bouten van mijn leven zaten opeens los.’ Zijn werk was de enige stabiele factor en hij had even geen enkele behoefte om daar ook nog aan te gaan tornen. De verantwoordelijkheid voor zijn twee dochters en de zekerheid van een regelmatig en goed inkomen waren in die tijd belangrijker dan zijn eigen toekomstplannen.

Een arbeidsconflict een paar jaar later gaf hem alsnog de duw die hij nodig had. Hoewel hij een gouden handdruk meekreeg, besloot hij zijn huis te verkopen: ‘Ik ging van 1000 vierkante meter naar 250.’ Zijn dochters gingen het huis uit en hij kreeg een nieuwe relatie aan de andere kant van het land. Alles lag weer open. ‘Na 27 jaar moest ik mezelf opnieuw de vraag stellen: wat wil ik eigenlijk?’ Duidelijk was dat hij geen supermarkten meer wilde, niet langer de zekerheid van een vaste baan nodig had en ook niet per se fulltime wilde werken. Hij besloot zijn kennis en ervaring met logistiek en franchiseorganisaties te gebruiken om voor zichzelf te beginnen als interim-manager en organisatieadviseur.

Bang voor een lager inkomen of minder aanzien is hij niet. Integendeel: ‘Die vaste baan heb ik vaak als een keurslijf gevoeld. Nu ben ik creatiever, raak geïnspireerder en hoef geen toestemming te vragen als ik iets wil doen. De vrijheid om een dagje te wandelen in plaats van te werken is voor mij goud waard. Ik kan met minder geld rondkomen. Geen probleem.’

De verhuizing van Drenthe naar het westen van het land heeft hem zijn sociale en zakelijke netwerk gekost. Dat moet hij weer helemaal opnieuw opbouwen. Niet makkelijk als je voor jezelf wilt beginnen, maar Steinman ziet al die veranderingen niet als een teruggang maar als een stap opzij. ‘Ik zie mezelf niet als een voormalig directeur, maar als een startende zzp’er: zelfstandige zonder personeel. Het is maar welk etiket je erop plakt.’

Klimaatverandering

Werknemers zelf mogen zich dan in toenemende mate bezighouden met de positie van werk in hun leven, het bedrijfsleven zelf is nog weinig geneigd tot veranderen. Volgens Peter Tielenius Kruythoff, directeur van de brancheorganisatie voor loopbaanadviesbureau Nobol, kan een klimaatverandering goed zijn voor alle partijen: ‘Demotie moet net zo logisch worden als promotie. Zowel als het gaat om salaris: op je 20ste bijten we op een houtje en boven je 50ste krijg je een topsalaris dat je eigenlijk niet meer nodig hebt, maar ook als het gaat om de inhoud. Bedrijven zouden moeten gaan inzien dat oudere werknemers goud waard kunnen zijn. Hun kennis en ervaring kunnen ze aanwenden om jongeren te coachen en op te leiden. Dat wordt nog maar weinig erkend.’

Hij heeft een duidelijk idee over hoe die veranderingen tot stand gebracht kunnen worden: ‘Mensen belonen op basis van hun prestaties in plaats van anciënniteit. We moeten af van het dogma “the only way is up”. Je kunt je ook in de breedte ontwikkelen en veel mensen zijn daar veel gelukkiger mee.’

Dat geldt zeker voor Arnold van Westerhoven. Hij voelde dat hij iets heel belangrijks was kwijt geraakt: zijn passie. ‘Het ontwikkelen van nieuwe producten en deze in de markt zetten, heb ik altijd vanuit een enorme drive gedaan. Ik kon er veel van mezelf kwijt. Ik werkte hard, maar ik heb nooit de uren geteld. Het voelde niet als werken omdat het uit mezelf kwam. Gaandeweg was ik voor mezelf en voor mijn omgeving in een rol terechtgekomen: die van de geëngageerde ondernemer, de energieke leider, de capabele manager. Allemaal was het wel een beetje waar, maar het hele plaatje klopte niet meer. Ik was niet meer wie ik werkelijk was. Ik kreeg steeds meer behoefte om authentiek te zijn, om mezelf terug te vinden. En om gezien te worden als de mens die ik ben. Het tegenstrijdige was dat ik om gezien te worden, in de schaduw moest gaan staan.’

Hij droeg zijn taken over aan zijn broer, maar wilde nog niet helemaal afstand doen van de zaak. En dus kwam de vraag: wat nu? Wat kan ik doen? ‘Ik houd erg van reizen en ik ben nu veel op pad om onze buitenlandse klanten en importeurs te bezoeken. Dat zijn heel vaak ook mensen met een ideaal, anders zouden ze niet voor onze producten kiezen, en daardoor inspireren ze me. Ik vlieg niet meer zoals vroeger van industrieterrein naar industrieterrein. Ik neem wat meer de tijd en daar geniet ik erg van.

Daarnaast ben ik geïnteresseerd in de technische kant van het vak. Mijn nieuwe kantoor ligt naast ons laboratorium en daar breng ik steeds meer tijd door.

Ik zit nu goed. De verhouding die ik nu tot het bedrijf heb staat me wel aan. Doordat ik ben teruggegaan naar wat me aanvankelijk inspireerde, is er weer een verbinding tussen mijn hart en mijn werk.’

Misschien, zo mijmert hij, heeft Ursa Paint ook wel een ontwikkeling doorgemaakt. ‘Aanvankelijk was het mijn kindje. Alles wat we deden bedacht ik, het was mijn idee om milieuvriendelijke producten te gaan maken, mijn ideaal. Ik heb het geformuleerd en mijn broer vulde me aan. Zo was onze rolverdeling. Nu is dat anders. De opbouwfase is achter de rug, het bedrijf consolideert zich en dus is er nu een andere leiding nodig. Minder creatief, wel efficiënt en zakelijk. Nu vul ik mijn broer aan! Misschien is dat wel de reden dat ik ben vastgelopen: zonder dat ik het merkte veranderde het bedrijf en dat vraagt om een nieuwe verdeling van posities. Ook van die van mij.’

Copyright Het Financiële Dagblad

Veel gelezen:
Outplacement
Terug naar start Auteur: Herman Leusman
ik vertrek
Ik vertrek! Auteur: Herman Leusman